z’n gangetje

Lieve Allemaal,

Preisners Requiem snierde door de kamer; weemoed, boosheid en zelfs verwijt spelen na al die jaren nog steeds een melodie. Dertien jaar, niet anders dan twaalf jaar en drieëntwintig weken of dertien jaar en een maand om maar eens iets te noemen en toch: dertien jaar. Rond. Januari bekomt me niet zo goed, gruweldagen herleven. Het nieuwe begin, Doni, alles wat goed gaat wordt wat kleiner door de slagschaduwen die erover vallen. Zelfbedachte horrorbeelden van hoe die laatste minuten … onzinnig of op zijn minst nutteloos, niettemin terugkerend thema in heel wat dromen. Mijn onmacht er over op te houden stoort mezelf nog wel het meest. Zijn lach verder dragen, hoe vaak is dat nou gelukt Frank? Blijven proberen en als het vandaag niet lukt: morgen probeer ik het opnieuw. Past dan wel weer bij de maand van de spiritualiteit met het thema opnieuw beginnen.

Op een andere manier doet ook Ubud iets nieuws, er zijn semi-serieuze pogingen de verkeerschaos op te lossen. Parkeren is in diverse straten verboden en zie, zolang er een overmacht van agenten aanwezig én actief is – die twee zaken gaan lang niet altijd samen – houdt men zich eraan. Meestal. De trottoirs zijn weliswaar parkeerplaats voor motorfietsen geworden maar geparkeerde auto’s zijn er dan even niet, het verkeer stroomt redelijk door. Tot de agenten weer gaan; tien minuten en de boel staat weer vol en vast. Op z’n laatst na vier uur ’s middags is het puin, later op de avond is het bij gebrek aan toeristen dan wel weer rustiger. De bussen, te breed voor een rijbaan, mogen nog steeds gewoon komen. Semi-serieus. Ik denk niet dat het echt iets gaat worden. Tegenwoordig denk ik ‘dit is Bali’, wel een gezondere houding.

Het regent overmatig veel en lang en ik word er wat kriegel van. Dat ik me geen regenseizoen kan herinneren waarin zoveel water naar beneden kwam zegt niet veel maar ook Ibu Putu die hier al meer dan zeventig jaar rondloopt heeft zo’n herinnering niet. Landverschuivingen, overstromingen, te makkelijk om aan klimaatverandering te denken waarschijnlijk, daarvoor moeten jaren en jaren bij elkaar opgeteld, maar toch. Kaapstad kon binnen een paar maanden wel eens helemaal zonder water komen te zitten. Er zijn (te) veel plaatsen op de wereld waar het ineens allemaal anders wordt. De vraag is of we niet gewoon (ver) achter de feiten aanlopen. Als we er al achteraan lopen. Ik verpof het om in negatief denken weg te zakken maar het wordt niet altijd makkelijk gemaakt. Verbijstering van de dag kwam vandaag uit Davos. Vraag: “wat is uw meest vormende moment geweest?” Antwoord: “Ik heb altijd heel veel geld verdiend.”
De vragensteller was mijnheer Schwab, een van de oprichters van het forum daar. Het antwoord kwam van… ja, inkoppertje.

De komende week aan de gang met het huis, er zijn een aantal onderhoudsdingetjes die gedaan moeten. De eerste kunst is mensen te vinden die het willen doen en dat valt niet mee. Het ging zo met mijn nieuwe website en nu ervaren we hetzelfde: om onduidelijke redenen haken mensen ergens af, laten niets meer horen. Die prijsopgave komt niet, de telefoon wordt niet meer opgenomen … We blijven zoeken want het moet wel in orde gebracht. Intussen werken aan een object dat in zover iets nieuws is dat het formaat van deze vorm groter is dan ooit. Ook spannend. En uit gaan zoeken wat er allemaal nodig is om Doni in het voorjaar mee naar Nederland te nemen. Veel, zoveel is al duidelijk. We blijven bezig.

Lieve groet, Frank

2018

Een man kijkt met brede glimlach naar zijn telefoon die hij met twee handen vasthoudt. “Met wie spreekt u daar?” “Met mijn vrouw.” “Is het een video-gesprek?” “Nee, maar ik zie haar naam op het scherm.”

Lieve Allemaal

Van harte wens ik u allen een rijk en zinvol jaar toe. Het zou een druk jaar moeten worden, er zijn nog wel wat dingetjes te doen in de wereld. Bij mezelf ook trouwens. Met optimisme aan de gang. Voor Balinezen is de jaarwisseling een westers gebruik, leuk om lekker te knallen – het ging de hele avond door – maar verder niets. Vandaag nog wel wensen voor een Merry Christmas and a Happy New Year en dat kan nog wel even doorgaan; vriendelijk zonder weten.

De vulkaan houdt Bali bezig, vanmorgen zelfs vulkanisch as op mijn motor (een beetje). Er zijn wel weer meer toeristen, regelmatig forse verkeersopstoppingen en onderwijl blijft de overheid haar best doen iedereen te overtuigen dat Bali veilig is. Geen moeite is ze teveel; ze hebben Bali zelfs laten groeien of ..? Lag vroeger Ubud 30 km van de vulkaan, nu is het 51,7 km (men houdt van precisie) en ook de kusten zijn minstens 20 km verschoven. Besakih, de moedertempel, ooit 6 km van de krater en binnen het evacuatiegebied van 10 km, was gesloten. Nu het op 22,1 km (weer die precisie) blijkt te liggen is het gewoon weer open. Toeristen, komt u maar. De verklaring komt uit onderstaand kaartje, men rekende met google maps. Daar komt dus die ‘groei’ vandaan maar ik denk dat as, gas en lava de kronkelweggetjes niet gaan volgen. Domheid, slonzigheid of bedrog? Van alles wat vrees ik.

 

 

 

 

 

 

Ik heb een nieuwe laptop, het moest. De vorige, dank aan mijnheer Apple, vindt Bali te vochtig en stopt er gedurig mee of beter, soms wil hij nog starten maar lang zal het niet meer duren. Weer een Apple, met het overzetten van alle bestanden kon het niet anders dan dat ik kocht van wat naar mijn idee toch het dichts bij een criminele organisatie in zaken komt. Zelfs de snoertjes moeten allemaal weer nieuw – hoezo milleu? – t.b.v. woekerwinsten.

Goed, wel een mooie laptop. Mét Siri, een soort persoontje in de laptop, ik kan kiezen tussen man of vrouw, onbeslist zit nog niet in het menu, die antwoord geeft op simpele vragen. Niet heel nuttig, wel grappig. Ik probeerde het uit, kreeg een antwoord en, opvoeding opvoeding opvoeding, dankte voor de verstrekte informatie. ‘Ik leef om te dienen’, sprak Siri. Ben ik de enige die dan moet lachen?

En nu weer aan het werk. Er liggen een paar opdrachten waar ik wel zin in heb en ik bracht wat interessante kleuren glas mee uit Nederland. Duur glas maar leuk om mee aan de gang te gaan. Doni is nog in Jakarta en Zoef zal er wel de pest in houden tot hij terug is. Vannacht om vier uur maakte hij me wakker met bonzen op de deur, eergisteren is hij weggelopen en regelmatig weigert hij verder te lopen als we op stap zijn. Hij heeft zo manieren om duidelijk te maken dat het hem niet zint. Ach, wie niet?

Nogmaals een mooi jaar gewenst, lieve groet, Frank

Zwaan

cello niet te zoet vandaag

Saint Saens zwaant door de kamer

zonder acht op heimwee

contouren schetsend

van licht en ruim

de vleugels breed

zeilt ijl content

door mijn gedachten

het beeld is jouw

 

laat zwanen hun vlucht

langs vreugdevol op

en zoetwarme slaap

scheren en schrijven

ze soms jouw naam

laat somb’re einders

van voor hoe lang

mag ik ben jij

alleen het licht telt

 

 

 

Naar het nieuwe jaar neem ik mee: licht.

Lieve Allemaal,

Weer terug in Indonesië. Van regen in Zuid-Afrika via sneeuw in Nederland naar regen in Bali. Ik bedoel REGEN! De wat dreigende situatie op Schiphol ten spijt – talloze vluchten gecanceld, Schiphol zette veldbedden in – kwam ik met een omgeboekte vlucht alsnog niet heel veel te laat in Jakarta aan om dinsdagmorgen naar Bali door te vliegen. De vulkaan toont zich rustig de laatste weken, het vliegveld was open. De taxi was snel in Ubud, de wegen hier zijn behoorlijk leeg sinds veel toeristen wegblijven. Snel weer thuis, wij blij, Zoef de hond uitzinnig.

Het is te lang, zeven weken onderweg. Nee geen spijt, de tentoonstelling zowel als de workshops waren een succes en zovelen die me lief zijn weer zien en spreken was een feest maar toch, de koffer weer uit kunnen pakken en in m’n eigen bed …

In zorgelijk Bali, dat wel. Weinig ondernemingen hier hebben een reserve, het werd altijd alleen maar meer en ‘beter’, en ontslagen zijn nu niet van de lucht. Restaurants sluiten een deel van de tijd, net als winkels want er komt toch niemand. Faillissementen liggen op de loer of hebben al toegeslagen. Meer dan 100 wanhopige taxichauffeurs geteld op het vliegveld en thuiskomend, de koffers nog in de hand, kwamen er al buren op me af die vroegen of ik misschien een vriend had die hun huisje voor een tijd wilde huren. Als die rotberg (heilig is ook maar betrekkelijk) wil komen, dan graag maar snel want dit is rampzalig. Nog niet gesproken van de meer dan 70.000 mensen die nu al maanden niet naar huis kunnen en in slecht toegeruste kampen hun tijd moeten doorbrengen. Maar geologische tijd en mensentijd zijn niet hetzelfde, dit kan nog heel lang duren.

Slechts eventjes in Bali want donderdag zijn we voor een paar dagen naar Yogyakarta vertrokken. Samen eropuit is anders. Geluierd, lekker gegeten, vrienden ontmoet; Yogya is een fijne stad en we komen er graag. Anggi, een goede vriendin, had een mooi verhaal. Ze werkt voor een ziekenhuis in Yogya en regelt de ‘uitwisseling’ met Japan. Japanse specialisten komen naar Yogya en doen levertransplantaties op heel kleine kinderen, gratis. Streng katholieke Anggi die samen met Japanse artsen moslimkinderen in Yogya helpt. Klinkt bijzonder maar in de praktijk van alledag is het dat niet al willen sommige lijders ons anders doen geloven. (geen spelfout.)

Zondag vloog Doni door naar Lampung voor een paar weken. 3 januari een ceremonie omdat het dan alweer 100 dagen geleden is dat zijn moeder overleed. Ik terug naar Bali, terug aan het werk. Niet dat er dringend behoefte is aan nieuw werk, buiten een paar welkome opdrachten ‘moet’ er weinig, goed verkocht in Cannenburch en nog altijd een flink aantal objecten op voorraad. Maar stilzitten is het ook niet, er moet wat uit dus toch weer beginnen. Ideeën genoeg. Onder andere wil ik gedichten gaan verzamelen voor een komend voorjaar uit te brengen boekje. De reactie op de gedichten in Cannenburch maken dat ik denk dat er wel een plek is voor een kleine oplage. T.z.t. val ik u er nog wel mee lastig.

In Zuid-Afrika een rustige workshop. Vier geïnteresseerde deelnemers en er was alle tijd om zowel de theorie als van alles te bepraten dat niet met glas te maken heeft. Zeker ’s avonds, na afloop van de cursus, ging het gesprek alle kanten op. Een van de deelnemers, een Afrikaner opgegroeid in de Oostkaap, bleek de topspecialist oogheelkunde van Zuid-Afrika.  Hij noemde zichzelf wat glas betreft een ‘weekend warrior’ en zette me een paar keer flink aan het denken. Afrikaners, de boeren, hebben niet altijd een geweldige pers. Goed om (eens te meer) te zien dat vooroordelen naar groepen mensen niet terecht (kunnen) zijn. Zijn oprechte en maar al te wel gefundeerde zorg over de toekomst van de gezondheidszorg in Zuid-Afrika, zijn genuanceerd denken over tal van onderwerpen; het raakte. Een genoegen te ontmoeten, wie veel reist … Beetje tegenwicht voor iemand anders die, zeer wel op de hoogte met mijn geschiedenis, me even wilde uitleggen dat ‘ze’ misschien hun werk redelijk goed doen maar dat je met ‘een zwarte’ natuurlijk nooit vrienden kunt zijn.

Een stukje van mijn hart blijft altijd daar, misschien is het daarom dat ontwikkelingen soms zo teleurstellen. Massa’s goedwillende mensen, zeker, maar is het genoeg om het tij van negativisme en vooroordeel te keren? Is het genoeg om een intussen door en door corrupte overheid te vervangen door mensen van het kaliber van Tutu en Mandela? Het geloof dat het kan vasthouden, nog even en het is kerst. Feest van de geboorte van licht. Laten we fors inslaan en meedragen naar het nieuwe jaar.

Lieve groet, Frank

 

onderweg

Lieve Allemaal,

De vulkaan op Bali houdt ons nog steeds in spanning. Vorige week was er een redelijk flinke aardbeving, er was een kleine eruptie een paar dagen geleden en het blijft afwachten. Er is nog steeds een no-go zone al is die wat verkleind, er blijft een behoorlijk aantal mensen geëvacueerd. Regenachtig Bali, ik mis het intussen wel, bijna vijf weken onderweg nu. Zoef de hond vindt het ook maar niets, hoor ik van Doni. Hij is zichzelf niet en is opeens bang bij flinke regen en onweer. Gaat weer over als we weer compleet zijn denk ik.

In Nederland stressvolle weken van voorbereiding: werken ophalen op diverse locaties en alles naar Vaassen brengen, nog een paar objecten afmaken, gedoe over de uitnodigingen en nog wel wat en inrichten. Een flinke opgave om bijna honderd objecten mooi te verdelen over en neer te zetten in acht verschillende zalen maar het is goed gelukt. Het werd een mooi overzicht van mijn werk in sfeervolle ruimtes, mijn eigen enthousiasme werd onderstreept door talloze positieve reacties. Het leukst vond ik de reacties op enkele van mijn gedichten die groot uitgeprint in de zalen hingen, ik moest er volgend jaar maar eens iets mee gaan doen. Een boekje of zo? Ook goed verkocht en nu is de tentoonstelling in kasteel Cannenburch alweer voorbij. Afbreken was minder leuk dan opbouwen. Een auto vol – oh oh als ik maar geen aanrijding krijg – naar de opslag gebracht. Voor volgend jaar weer denken over nieuwe exposities.

Tussendoor een tripje naar Noorwegen om daar les te geven; leuk en vooral ook koud. En nu in de Zuid-Afrikaanse zomer; ook leuk maar warm hoewel, sinds gisteren regent alsof ik weer in de tropen ben. Merkwaardig hoe herinneringen, vooral door ontmoetingen met haast willekeurige mensen, weer levend worden. Er ligt hier een flink stuk geschiedenis en vanaf het moment dat ik landde op OR Thambo is er telkens een ‘oh ja’, een ‘ach ja’ of ‘zo was het toen ook’. Mijn gedachte in het vliegtuig – ‘mijn’ hond Dopie bij het hek roepen en zien hoe hij blij op me af zou rennen – kwam echter niet uit. Dopie was de hond die ik in Magaliesburg had en die niet mee kon naar Indonesië. Hij woonde al jaren bij vrienden hier alwaar hij de chef was geworden van de twee grote honden die er al waren, ik denk dat hij zich stilletjes de hele farm wel had toegeëigend. Samen rennen, samen de apen en warthogs aanblaffen, samen bezoek wegjagen; Dopie liep voorop, altijd onder dekking van zijn twee maatjes/adjudanten. Deze week ging hij, zoals elk jaar een paar keer gebeurd, op weg naar zijn verloofde op een aangrenzende farm en is daarbij blijkbaar een nyala (grote antiloopachtige) tegengekomen. Zonder twijfel heeft hij staan blaffen tegen de onverlaat die zomaar op zijn land liep; geblaft, gejaagd en … verloren. De hoorns van de nyala zijn hem fataal geworden, een dag voor ik aankwam was hij dood. Ik treur om een grote vriend die bij al zijn slimheid nooit heeft begrepen dat hij klein van postuur was.

 

 

 

 

 

Op de farm hier en in het restaurant/hotel werkt een aantal mensen uit Zimbabwe. Ik ken ze van eerdere bezoeken en toen ik kwam moesten ze allemaal wel even kwijt dat Mugabe weg is. Ze zijn er uitgelaten blij om, vandaag is Mnangagwa als nieuwe president geïnstalleerd en ze hopen op verandering. Het is de vraag of die hoop realistisch is; Mnangagwa was handlanger en slager voor Mugabe. Volgend jaar verkiezingen, zullen die onder de man die eerder verkiezingen met geweld tot een farce maakte eerlijk zijn? Hoop is het dat ook hier de mensen overeind houdt.

Nu een kleine twee weken wat ontspannen, een workshop of twee geven en veel zwemmen. Dan over Nederland weer naar Indonesië. Het is de hoogste tijd.

Lieve groet Frank

 

Wachten

Lieve allemaal

Hier, ver genoeg van de vulkaan om ons relatief veilig te weten, gaat het redelijk. Doni is weer terug uit Jakarta waar hij twee weken terug plotseling heen moest. Wat we beiden eigenlijk al wel aan zagen komen maar niet uitspraken gebeurde toch, zijn moeder is overleden. Verdriet natuurlijk en bij mij, geef ik toe, ook wat bitterheid om die telkens weer uitgestelde operatie – dokter niet aanwezig, te druk, formulier kwijt, Indonesische toestanden – die uiteindelijk te laat kwam. Maar of het anders had gekund zullen we nooit weten en dan nog, dan nog. Doni is er rustig onder; niet voor het eerst valt me op dat Indonesiërs in het algemeen beter zijn in het accepteren van het leven zoals het komt. Het heeft positieve en minder positieve kanten, er valt wel iets van te leren.

De vulkaan dreigt dus nog steeds met tot wel duizend (kleine) bevingen per dag maar vooralsnog blijft het daarbij. 185.000 mensen zijn geëvacueerd en verblijven in een soort van kampen. De gouverneur meende dat de helft daarvan best naar huis kon omdat ze in ‘veilig’ gebied wonen en dreigde met het inhouden van salaris van ambtenaren die niet op hun werk verschenen. Na een week bleek het toch een rekenfout; ze blijken terecht geëvacueerd. Het grote probleem is dat niemand weet hoe lang dit gaat duren en de opvang van de overheid is uiterst minimaal, een goed deel van de evacuees is voor water en voedsel afhankelijk van particuliere initiatieven. Het toerisme intussen loopt terug – bij een uitbarsting is het niet onwaarschijnlijk dat vliegvelden gesloten gaan worden en mensen zijn bang dat ze straks niet terug te kunnen naar huis. Ontslagen en faillissementen zijn niet van de lucht, vooral in het oosten van Bali blijven hotels en restaurants leeg. Het gevoel van ‘als het dan toch moet gebeuren laat dan maar snel komen’ is intussen niemand vreemd.

Sommige Balinezen geloven dat de Gunung Agung boos is omdat westerlingen haar beklommen hebben, mogelijk sex hebben gehad op de berg en, erger nog, wellicht in een menstruatieperiode waren. Ceremonies alom om de vulkaan weer gunstig te stemmen. De stellige bewering van de priesters dat het op 5 oktober ging gebeuren hadden ze wel voorzien van een verzekeringetje, dezelfde dag werden allerlei samenkomsten georganiseerd om te bidden en zo kregen ze linksom of rechtsom toch gelijk. En ziet: het bidden helpt. Terwijl ik dit schrijf is hierachter weer een ceremonie bezig, we horen en zien ze dagelijks.

Intussen regent het al weer flink. Het regenseizoen is dit jaar niet echt gestopt maar is nu weer vol actief. Een flinke aardverschuiving hier vlak bij was een paar nachten terug het gevolg. Als ik naar boven kijk en dat gebouw op het randje zie staan …

Nu de laatste loodjes voor mijn vertrek naar Nederland. Nog wat afmaken en ingewikkeld geschuif met objecten over de twee koffers die ik mee mag nemen en zorgen dat hier alles door kan gaan. We zijn er druk mee. In Nederland nog een paar objecten afmaken en dan komt de inrichting van de tentoonstelling in kasteel Cannenburch. 4 november is de opening, ik houd jullie op de hoogte.

Lieve groet, Frank

 

Vulkanen

Lieve Allemaal

In Bali staat mogelijk een vulkaan op uitbarsten. Niets is zeker, het kan morgen weer anders zijn, maar de laatste drie dagen is de hoogste fase van alertheid ingesteld en het zou kunnen gebeuren. De Gunung Agung is de moederberg van Bali, voor de Hindu’s een heilige plaats en voor het laatst uitgebarsten in 1963 na, toen, honderd jaar geslapen te hebben. Tienduizend of meer mensen zijn intussen geëvacueerd – een aantal wilde hun huis niet verlaten dus die zitten er nog. De vulkaan is 33 kilometer van ons huis en veel directe problemen zullen we er waarschijnlijk niet mee hebben, hoe het in Bali in zal grijpen als het gebeurt is niet duidelijk. De vorige uitbarsting ging tien maanden door en heeft Bali voorgoed veranderd. Leven op een vulkaan, dan weet je niet hoe het afloopt.

Voorlopig gaan de toeristen en expats door met feesten, doen de Balinezen hun ceremonies en lijkt er, buiten (vulkaan) hysterie van met name westerlingen op sociale media, weinig aan de hand. Niet onbegrijpelijk misschien, het is afwachten en er is absoluut niets dat we kunnen doen.

Dat wonen op een vulkaan geldt in een bepaald opzicht voor ons allemaal denk ik. Volidioten die de VN onveilig maken, een nobelprijs laureaat die haar positie alleen schijnt te kunnen behouden door alles te verloochenen waarvoor ze zegt te staan, meerdere criminelen die het tot president schopten, een tweedeling onder mensen die alleen maar groter wordt en nog wel wat dingetjes. Niemand die de gevolgen nauwkeurig kan voorspellen maar je hoeft geen rocket-scientist te zijn om uit te kunnen rekenen dat het ooit tot een uitbarsting komt. Tegelijkertijd, ook alle liefdedaden waar de wereld gelukkig ook vol van is dragen hun vrucht. Die etiketjes in de kinderkleding bij de Hema maar even laten, gewoon aan het werk blijven.

Penestanan, de desa hier, viert volgende maand een grote ceremonie. “Eens in de dertig jaar” ronkt het door het dorp. Het kost een paar centen maar dan heb je ook wat. 1,1 miljard rupiah (ongeveer € 72.000,–) op een bevolking van nog geen 1000 mensen. Zou voor Nederland met € 72,– per PERSOON onacceptabel veel zijn, (15 euro verhoging eigen risico veroorzaakt haast een revolutie). Hier is het voor de meesten een regelrechte aanslag op een toch al wankel gezinsbudget. Maar de priesters – goed inkomen en klaarblijkelijk losgezongen van het normale leven – hebben het zo besloten en niemand kan en wil er onderuit. Niet betalen en straks tijdens de ceremonie genoemd worden als wanbetaler zeker? Daar begint geen hond aan.

Hoezeer toegeven dat je het niet hebt geen haalbare kaart is bleek weer eens toen P. deze week langskwam. Hij had een boormachine geleend en die kwam maar niet terug, verzoeken werden genegeerd en ik begon nijdig te worden. Bleek dat zijn kleinzoon ziek is, anderhalf jaar oud, niet meer eten, pijn en in een dikke week 4 kilo gewicht verloren. Wie zou niet bezorgd zijn? De ‘dokter’ waar ze geweest waren had eigenlijk niets gedaan, wist niet wat het was dus gaf maar een siroop, de situatie verbeterde niet. Reden voor mij hem naar een goed ziekenhuis te sturen. Okay, zover goed hier goed is. De kosten van een specialist zouden daar zo’n 10 euro bedragen maar P. zag er een probleem in; te duur, nog maar een weekje afwachten. Dezelfde P. peinst er niet over het geld voor de ceremonie niet te betalen – beschaamd, de buren, de priester …

Ik heb me ingehouden maar er mist een stukje van mijn tong. Geen dag om milder te gaan denken over de terreur die religie kan zijn en hier in Bali daadwerkelijk dagelijks is. Nog een vulkaan al lijkt de uitbarsting daarvan, gezien de houding van de Balinezen, nog heel ver weg. Die brief met een verzoek om een bijdrage aan de ceremonie heb ik gisteren verscheurd.

Lieve groet, Frank

Identiteit

“Het is ontluisterend, bedacht ik, hoeveel we verliezen door zaken als religie, huidskleur, afkomst en nationaliteit boven ons mens-zijn te plaatsen. Maar is het überhaupt mogelijk mens te zijn zonder al deze dingen?”                            Stevo Akkerman in Trouw

Lieve Allemaal

Yogyakarta was leuk, heel leuk. Op weg naar het vliegveld wel in de zenuwen want mijn paspoort en identiteitsbewijs zijn bij immigratie. Volgens het bureau dat de visa regelt was een kopie geen probleem maar had ze gelijk? Ja, ze had gelijk. De controles zijn niet zo heel stevig. We hadden alleen handbagage en allebei een flesje arak – ja, weer alcohol – in onze tas. Gaat altijd goed beweerde Doni en, ook hij had gelijk. Een halve liter vloeistof; zo’n mooie scanner helpt weinig als niemand oplet.

In Yogya veel gelopen, gezwommen, vrienden ontmoet, lekker gegeten en goede tijden beleefd. Alleen de tocht naar de Merapi, een vulkaan, was een teleurstelling. Anderhalf uur op de motor en eenmaal hoog in de bergen aangekomen was de bewolking zo dicht dat we de vulkaan niet eens gezien hebben. De stad bruist weer, nog steeds allervriendelijkste mensen overal. Veel hoofddoeken – ook daar steeds meer het vasthouden aan identiteit – en zeker twee keer hoorde ik daar negatief commentaar op. Het heeft mij niet gestoord, ook bij bedekt haar blijft de mens gewoon zichtbaar. Tegelijk denk ik dat vastklampen aan een identiteit, welke dan ook, het moment fixeert en groei of zelfs maar beweging onmogelijk maakt. Maar dat is dan weer niet voorbehouden aan alleen het dragen van een hoofddoek. Op weg terug naar Bali hoorde ik op het vliegveld de mooist gezongen – betoverend was het woord – roep van de moskee ooit. Die vraag van Akkerman beantwoord ik met een volmondig ja. En ook met: we zullen wel moeten.

Weer in Bali nu, Doni is in Jakarta, zijn moeder is erg ziek en heeft hulp nodig. Deze foto kwam ongeveer gelijk met die foto van burgemeester van der Laan met de koning en ze hebben iets gemeen vind ik, iets van de essentie van zijn.

Tussen ‘gewone’ mensen is die arm vaak wel voorhanden, van de koning lag het misschien minder voor de hand en dat die er wel was deed goed. Nynke de Jong schreef het zo: ‘We zouden die arm allemaal wel willen geven maar we zouden die arm zelf ook wel willen hebben. Waar vind je nog bindende leiders?’ Het grote verhaal, een verhaal dat zich vooral in de kleine dingen manifesteert, mist kamerbreed. Te beginnen met een MP die bij het woord visie naar eigen zeggen denkt: ga naar de oogarts, maar ik constateer hetzelfde gemis bij al die, al dan niet formerende mannen en vrouwen, die er maar niet uitkomen.

Bijna veertig jaar geleden stond in het eerste eigen huis kort na aankoop de schimmel op de wanden. Het maakte niet blij en dat we de oorzaak niet konden vinden frustreerde. Na maanden zoekacties, openbreken en graven bleek de waterleiding van de buurman lek.  Die had het stilgehouden want wat niet weet … Het spoot allemaal lekker onder ons huis en zodoende.

Iets alerter nu had ik al snel door waarom hier de grond drijfnat was, de septic tank volliep met water en de betonnen plinten vochtig werden. Was ook makkelijker uit te vinden, de met de buren gedeelde pomp die water uit de grond haalt sloeg vier keer per uur aan. Elke keer 400 of meer liters in het vat pompend die dan 10 minuten later alweer aangevuld moesten. Zoveel doucht niemand, zeker niet 24/7. Nadat ik hier het water had afgesloten en de pomp onverminderd doorging was het duidelijk: een lek bij de buren. Meer dan een maand op reparatie aangedrongen, eerst was er ontkenning maar uiteindelijk kwam de man die het indertijd heeft geïnstalleerd en repareerde het binnen tien minuten. Klaar meneer! Alleen … de pomp sloeg nog steeds 4 keer per uur aan. Niks opgelost. Na mijn dreiging de pomp helemaal uit te zetten kwam gisteren, weer een maand later, de reparateur eindelijk weer. Gerepareerd mijnheer, het was op zes plaatsen stuk. Hij was er wel trots op dat hij dat zomaar gevonden had. De pomp is intussen stil, we kunnen gaan drogen.

Veel liefs, Frank

 

Merdeka

Het eindeloze geëpibreer over de formatie werpt vragen op over slagvaardigheid, competentie en besluitvaardigheid. Hoe moet ik capabel om een land te besturen verstaan?

Lieve Allemaal,

17 augustus: hari merdeka – onafhankelijkheidsdag. De morgen begint met groepen scholieren en ambtenaren die door de straten marcheren in militaire pas, de meest fanatieke van elk groepje telkens voorop om haast krijsend de mars te dirigeren. Het militaire apparaat heeft in dit land een grote stem. In de middag paalklimmen, hoog in de paal zijn kleine cadeautjes opgehangen en wie het via de met zeep ingesmeerde paal redt naar boven kan een keuze maken.

Selamat (prettige) hari merdeka zeg ik tegen Doni. Onafhankelijk waarvan vraagt hij wat uitdagend en ik denk dat hij wil dat ik zeg ‘de Nederlanders’ maar het is anders. ‘Vrij van een zichzelf dienend, corrupt parlement, vrij om je mening te uiten, vrij om te zijn wie je bent? Dat is merdeka maar waar is dat?’ Nooit geweest denk ik. Eerst een kolonie van Nederland en nu gevangenen van een groep die vooral zichzelf verrijkt en inadequaat bestuur levert. Intussen wel druk met de volgende verkiezing, ze zouden hun plekje niet graag verliezen. Wellicht is dat de reden dat uiterst voorzichtig wordt omgegaan met een, ook hier aanwezige, groep fundamentalistische zeloten met als gevolg natuurlijk de stinkende wonden.

Het is 72 jaar geleden dat Indonesië zich onafhankelijk verklaarde van Nederland. Nederland zelf had vier jaar nodig om de nieuwe situatie te accepteren en ging zich die tijd te buiten aan wat eufemistisch politionele acties heette: een oorlog dus. Die datum bleef lang lastig, Indonesiërs die een beetje zonder onze toestemming zelfstandig dachten te zijn! Nog in 1995 mocht Beatrix van de NL regering haar staatsbezoek niet op 17 augustus beginnen en moest een dagje in de wacht in Singapore. Dat viel toen niet zo goed hier. Pas in 2005 bevestigde minister Bot dat 17 augustus toch echt de datum is. Ze zijn er trots op, de Indonesiërs, en tegelijk; zonnige tijden blijven wel uit voor heel veel van hen.

Niks ernstigs maar het gaat ook op voor het weer, nog steeds veel regen in Ubud. Het zuiden van Bali heeft het beter maar hier, ongeveer 600 boven zeeniveau blijft het kwakkelen. Het heeft geen invloed op het aantal toeristen, het is vol. Na elven de deur uit gaan is een slecht plan, de files bouwen zich op en Ubud passeren kan zomaar een uur of meer extra kosten. Maakt voor ons ook weer niet zoveel uit allemaal, er moet gewerkt worden. Afgelopen weken een video samengesteld over mijn werk in de laatste 35 jaar en na wat gestoei met YouTube staat die nu online. 14 minuten lang en ik ben blij met het resultaat, de commentaren zover zijn zeer positief. Voor als je zin hebt:

https://www.youtube.com/watch?v=XLnV_C_6VG8&t=24s

Morgen heel vroeg op, we gaan voor een paar dagen naar Yogyakarta op Java, een uurtje vliegen van hier. Even eruit, even wat anders, in Yogya is vooral op cultureel vlak veel te doen en we zien ernaar uit. Dat zich vlak bij ons hotel ook Mediteranea bevindt, een geweldig restaurant met excellent eten en goede wijnen tegen vriendelijke prijzen, is ook wel prettig. Ook in Yogya nogal wat ontwikkelingen die zorgwekkend zijn; van Randwijk – “een volk dat voor tirannen zwicht …” – wordt ook daar niet gehoord. Aan de buitenkant is, buiten de oprukkende hoofddoek, niet veel te zien. Wie het nieuws volgt weet dat de (vele) liberale aspecten van de stad steeds verder onder druk komen of al verdwenen zijn. *****Het blijft vreemd hoe kleine minderheden, ook in ons land, de verhoudingen wegsturen van respect en verdraagzaamheid. Daar met boosheid en haat op reageren is geen begaanbare weg, met open deur pal blijven staan voor liefde en broederschap is wel een opgave.

Lieve groet, Frank

 

over papier en thuis

Mijn poging bloed te geven aan het rode kruis is op niets uitgelopen: ik ben te oud. Fijn dat het rode kruis het nog eens duidelijk maakte.

Lieve Allemaal,

Als je niets meer van me hoort ben ik verloren geraakt in een papiermolen. Mijn kitas – tijdelijke verblijfsvergunning – wordt vervangen door een kitap. Dat is met de P van permanent al is dat permanente nog steeds maar vijf jaar. Er is een berg formulieren en documenten nodig en ik word afwisselend moedeloos en razend. Stel je voor, je gaat je inschrijven bij een gemeente; dan willen ze een woonadres, normaal. Maar nu vraagt die ambtenaar om het huurcontract, een kopie van het identiteitsbewijs van de huisbaas en, nu we toch bezig zijn, ook een kopie van het ‘trouwboekje’ van de huisbaas. Je denkt aan een gehoorprobleem. En dan willen ze ook een ondertekende brief waarin huisbaas verklaart het geen probleem te vinden dat je onderdeel wordt van zijn/haar gezin. Bananasplit misschien? En een kopie van de identiteitskaart van de hulp en van de tuinman en een brief van de baas én van de administrateur van het dorp die dan beiden verklaren dat je in dat dorp woont. En ook een brief van de buurtschap dat je in die buurtschap woont. Maar als ik in Penestanan woon, woon ik toch in Gianyar? De ambtenaar glimlacht om zoveel naïviteit, blijkbaar ziet hij wegen om in een dorp in een buurtschap te wonen buiten die buurtschap. En dan weet je, het is menens. Dat wordt nog eens een brief van god dat je op aarde woont.

Verder bankafschriften, ziektekosten verzekering, een overlijdensverzekering want naar huis lopen zit er in dat geval niet meer in weten ze en pasfoto’s, bergen pasfoto’s met verschillende kleuren achtergrond in allerlei maten. Om al die verklaringen te krijgen moeten dan weer stapels formulieren ingevuld worden, nooit goed de eerste keer en altijd mist er wel één die ook nog moet en met regelmaat administratiekosten die hoger zijn dan een kwart maandsalaris hier. Zonder kwitantie natuurlijk. Als ik straks alles bij elkaar gesprokkeld heb moet ik de hele boel inleveren, inclusief paspoort en een paar duizend euro; het gaat ongeveer 2,5 maand duren. Op reis zit er die tijd niet in, paspoort moet ingeleverd, het inzicht dat je ook het stempel aan het eind van de procedure kan zetten is nog niet geland.

Veel in dit land gaat kapot aan corruptie maar ook de ambtenarij doet met papierwinkels zijn uiterste best. Allebei inkomensverschaffing, werkverschaffing impliceert iets anders. Als ik het allemaal overleef ben ik er wel voor vijf jaar vanaf, daar denk ik dan maar aan.

Misschien kan iemand eens een kalender naar boven sturen. Het droge seizoen is nu drie maanden aan de gang en tot voor kort elke dag regen. Nu alleen nog maar koud, het zwembad dat vier jaar rond de 29 graden was komt nu net tot 25.

Met een dik vest aan (nog nooit gebeurd) op de motor naar het kantoor van de BJPS voor een ziektekostenverzekering. 8 uur ’s morgens gaan ze open, we waren er. Geen succes. Wij kregen het laatste nummer: 85. Dat staat bij tien minuten per bezoeker en twee balies gelijk aan een dag wachten. De volgende dag was ik er om 6 uur – nog kouder – en ik was de derde. Gestaag nam, onder gezellig gekeuvel, het aantal wachtenden toe, tegen achten stond er een man/vrouw of veertig. Toen gingen de deuren open en kon ieder zijn nummer trekken. Niks gemoedelijk meer, het werd duwen en trekken. In de chaos die ontstond kreeg ik toch nog nummer drie. Even later zat een vrouw die ik tegen achten had zien komen naast me. ‘Zo zielig voor die zwangere dame, ze was hier als eerste vanmorgen, half zes!, en nu heeft ze nummer 12.’ ‘En u?’ vroeg ik. ‘Ik heb nummer 5’, ze straalde.

Wie eenmaal onherroepelijk op reis gaat zal nooit meer helemaal thuis kunnen komen lees ik ergens. Ik twijfel of het waar is want waar is thuis dan? Dat huis in die straat in die stad? Ik werk in de studio, een open ruimte achter het huis. Doni zingt op het terras aan de voorkant mee met een cd van Ebiet. Dat is thuis, en dat kan overal. Alles stroomt, niets blijft, ik weet het; de tijd is nu. Ervan genieten is een kunst die ik niet altijd beheers maar op zo’n dag lukt het goed. Heerlijk thuis, weg van de files.

Van het toerisme hier begrijp ik niet veel. We zien steeds meer bezoekers, Ubud is overvol. Naar verluidt meest met ‘package’ toeristen; Chinezen en Taiwanezen die een reis hebben geboekt inclusief alles en niets meer uitgeven. De Balinezen klagen steen en been. En er is toch al teveel van alles. Bijna 600 restaurants in Ubud alleen al, wie een stuk land verpacht koopt een auto en wordt taxichauffeur. Hotels, bezettingsgraad veel te laag, worden nog steeds bijgebouwd. De overheid wil meer toeristen trekken terwijl de infrastructuur aanpassen praktisch onmogelijk is. We zullen zien waar het heengaat. Files overal, vandaag drie uur gedaan over een afstand van 30 kilometer – idyllisch Ubud. Vooralsnog heb ik een rustig plekje en zolang ik niet naar buiten hoef …

Joris is hier met zijn zoon en volgende week gaan we raften. Ik hoop dat ik het leuk ga vinden – beetje eng – maar files op het water zijn (nog) niet te verwachten. Verder zitten we allebei tegen de griep aan maar goed, laat maar want dan begin ik weer over het weer. Het gaat goed hier,

Lieve groet, Frank

op reis

Because the world is so full of death and horror, I try again and again to console my heart and pick the flowers that grow in the midst of hell.                   Hermann Hesse

Lieve Allemaal,

Die wat te dikke jongen in zijn oude-mannen-winterjas; hij loopt nog steeds over pleinen en zoekt vlijtig verder naar … hij weet niet altijd wat. Meer dan zestig kalenders omgeslagen – vandaag verglijdt in gisteren gelijk verleden soms het heden reflecteert. De spiegel is het kortgeknipte kinderhoofd vergeten, alleen de ogen zijn als toen: blauw onzeker. In dromen ziet de jongen zichzelf gaan, de dagen neemt de man het over. Vervuld van heimwee gaat hij voort en probeert de jongen te bewaren.

Verleden tijd verliest diepte, alles wat niet belangrijk is wordt onverbiddelijk uit het doosje van herinnering gekiept; slapen, eten, drinken en wachten op de bus, het meeste gaat er aan. De ketting van gebeurtenissen en emoties die overblijft is een geschiedenis in staccato – hoogte- en dieptepunten op rij. De komende week hoop ik vijfenzestig te worden en onvermijdelijk kijk ik terug. Bij elk station, bij elke tussenstop, werd de jongen iets ouder, ietsje wijzer – soms geleidelijk, soms met schokeffect. Vanmorgen voor de spiegel zag ik een man van (bijna) vijfenzestig – kalenders liegen niet – en dat is goed zo. Niettemin zou ik iets van die jongen wel wat vaker willen zien. Wijsheid vergaren en tegelijk de onbevangenheid bewaren: levenskunst en maar soms lukt het.

Jezelf zijn, worden wie je werkelijk bent. Ook in Indonesië wordt het, Bali even niet meegerekend, mensen al moeilijker, zo niet onmogelijk gemaakt. Een slappe overheid, beducht voor afvalligheid van een regio, besloot toe te staan dat in Aceh, Noord Sumatra, de sharia werd ingevoerd. Het gevolg is een wereld waarin onderdrukking de norm is, waar deze week twee homo’s in het openbaar 85 stokslagen krijgen toegediend. Ze zijn niet alleen want de fascinatie met het gedrag van anderen is groot, de lijst met mogelijke ‘vergrijpen’ lang. Vrouwen mogen alleen nog in amazone zit op de motor en uitsluitend achterop bij een rechtmatige echtgenoot, hoe over seks voor/buiten het huwelijk wordt gedacht hoeft geen betoog. Gefixeerd op het privé gedrag van anderen, de focus op alle zaken van de buitenkant in een maatschappij die corrupt is tot op het bot.

Gisteren werden in Jakarta honderd mannen opgepakt op een ‘ontmoetingsplaats’. Het was hier in de meeste families niet makkelijk voor homo’s, de druk wordt nu opgevoerd door de overheid die bang is radicale idioten voor het hoofd te stoten. Emmanuel werd vermoord om wie hij was maar ook hier is de prijs gruwelijk hoog. Nauwelijks thuis in ‘die kringen’ ken ik zeker tien mannen die, ondanks hun geaardheid, toch maar getrouwd zijn. Situaties van ongeluk waar risicovol gedrag op de loer ligt. Ook als je geen homo bent is het geen ver van je bed show, het gaat over de vrijheid te worden wie je bent.

Om mijn verjaardag alvast een beetje te vieren ga ik met Doni – ja die is weer hier – een paar dagen naar Nusa Penida, een kleiner eiland een kilometer of twintig oostelijk van Bali. Zwemmen is geen optie dus waren we vanmorgen bij de officiële toeristen informatie in Ubud om te vragen hoe laat de pont vertrekt. Valt niet mee. De eerste reactie is dat er geen pont gaat maar na doorvragen zag de man wel in dat dat onwaarschijnlijk is, van vertrektijden had hij niettemin geen idee. ‘Naar de haven gaan’, raadde hij aan, ‘de meeste dagen gaat er wel een’. Ach ja, wie een boot zoekt om verder te komen vindt er altijd wel één, daar wil ik dan weer wel op vertrouwen.

Lieve groet, Frank

Over boten gesproken: bijgaand nog zo’n fantastische foto van Marco Hamoen.